Neuroticisme is een term voor een persoonlijkheidskenmerk die in psychologisch onderzoek wordt gebruikt om een neiging te beschrijven om gemakkelijker emoties zoals bezorgdheid, frustratie of verdriet te ervaren. Het is een van de dimensies in het Big Five-persoonlijkheidsmodel. Op zichzelf is het geen psychische diagnose en geen oordeel over iemands karakter.
Uzelf of iemand anders ‘neurotisch’ noemen kan het werkelijke probleem verhullen. Een behulpzamere vraag is of zorgen, somberheid, emotionele reacties of manieren om met problemen om te gaan lijdensdruk veroorzaken of het dagelijks leven belemmeren.
Een persoonlijkheidskenmerk is iets anders dan een aandoening
Mensen verschillen in hoe zij reageren op onzekerheid en stress. Een score op een persoonlijkheidskenmerk beschrijft een neiging in uiteenlopende situaties; daarmee wordt geen angststoornis, depressie of persoonlijkheidsstoornis vastgesteld. Zo’n score kan ook niet bepalen of iemand een lichamelijke ziekte zal ontwikkelen, een relatie zal verliezen of ongelukkig zal zijn.
Het APA Dictionary of Psychology plaatst neuroticisme binnen persoonlijkheidsmodellen. De oudere term ‘neurose’ is op verschillende manieren gebruikt en is tegenwoordig geen nauwkeurige diagnose om een behandeling op te baseren. Als klachten zorg vereisen, moet diagnostisch onderzoek die klachten en eventuele relevante aandoeningen rechtstreeks in kaart brengen.
Breng in kaart waarvoor u hulp wilt
In plaats van bij uzelf te zoeken naar tekenen die bij een negatief persoonlijkheidslabel passen, kunt u concrete vragen overwegen:
- Kost piekeren mij tijd die ik nodig heb voor slaap, werk of relaties?
- Zoek ik herhaaldelijk geruststelling zonder dat ik me rustiger voel?
- Vermijd ik activiteiten die belangrijk voor mij zijn omdat ik verwacht dat er dingen misgaan?
- Maken somberheid, prikkelbaarheid of emotionele klachten gewone taken moeilijk?
- Grijp ik naar alcohol of andere middelen om met problemen om te gaan?
Deze vragen zijn bedoeld als aanknopingspunten voor een gesprek, niet als zelftest. Ze kunnen u helpen uw ervaringen aan een behandelaar of therapeut uit te leggen.
Praktische manieren om met zorgen om te gaan
Probeer onderscheid te maken tussen wat u weet en waar u bang voor bent. Schrijf de specifieke zorg op, de aanwijzingen die u hebt en één haalbare vervolgstap. Bij een probleem waar u iets aan kunt doen, kan een praktisch plan helpen. Bij onzekerheid die u nu niet kunt wegnemen, kan herhaaldelijk controleren om geruststelling te krijgen ervoor zorgen dat de kwestie uw aandacht blijft beheersen.
Geef gevoelens de ruimte zonder elk gevoel als een opdracht te beschouwen. U kunt even wachten voordat u een bericht beantwoordt, benoemen wat u ervaart of een korte pauze nemen vóór een moeilijk gesprek. Het doel is om keuzemogelijkheden te creëren, niet om uzelf te dwingen positief te zijn of te bewijzen dat u elke emotie kunt beheersen.
Een vast slaapritme, plezierige activiteiten en contact met mensen die u steunen kunnen een stabielere basis bieden. Ontspannings- of aandachtsoefeningen passen bij sommige mensen; pas ze aan of stop ermee als ze meer ongemak veroorzaken. Zelfhulp moet niet nog een norm worden die u gebruikt om uzelf te bekritiseren.
Professionele ondersteuning
Vraag om een professionele beoordeling wanneer klachten aanhouden, veel lijdensdruk veroorzaken of uw functioneren beperken. Een behandelaar kan kijken naar angst, depressie, lichamelijke gezondheidsproblemen, effecten van medicijnen en de druk die u in uw leven ervaart. Gesprekstherapie kan zich vervolgens richten op het daadwerkelijke probleem, met doelen en methoden die u samen afspreekt.
Er bestaat geen standaardmedicijn dat ‘een neurotische persoonlijkheid behandelt’. Bij een vastgestelde aandoening kunnen medicijnen worden overwogen als dat passend is, waarbij de voordelen, bijwerkingen en vervolgcontroles worden besproken. Begin of stop niet met een behandeling op basis van een persoonlijkheidsbeschrijving.
Relaties zonder etiketten
Spreek een behoefte rechtstreeks uit in plaats van in te vullen wat een ander denkt: ‘Ik merk dat ik me zorgen maak als plannen veranderen. Kunnen we afspreken hoe we elkaar daarvan op de hoogte brengen?’ Een partner kan steun bieden, maar hoort niet de enige bron van geruststelling te worden of de verantwoordelijkheid voor alle emotionele klachten op zich te nemen.
Ook als iemand anders u ‘te gevoelig’ noemt, is dat geen klinische beoordeling. Uw gevoelens verdienen aandacht, en de invloed ervan kan worden onderzocht zonder u belachelijk te maken of u vast te pinnen op een bepaalde identiteit.
Als u gedachten aan zelfdoding of zelfbeschadiging krijgt, neem dan zo spoedig mogelijk contact op met een lokale crisisdienst of een professional in de geestelijke gezondheidszorg. Bij direct gevaar of als u uw eigen veiligheid niet kunt waarborgen, is spoedeisende hulp nodig.


