‘Spierverslapper’ is een brede benaming voor geneesmiddelen die worden gebruikt bij spierspasmen of spasticiteit. Deze middelen verschillen in werking, gebruiksduur en risico’s. Sommige kunnen lichamelijke afhankelijkheid veroorzaken of worden misbruikt, maar het is onjuist om alle middelen binnen deze groep als even verslavend te beschouwen.
Verschillende geneesmiddelen, verschillende doelen
Geneesmiddelen voor kortdurende, pijnlijke spierspasmen zijn niet uitwisselbaar met middelen voor spasticiteit bij neurologische aandoeningen. De oorzaak van de klachten, andere aandoeningen en het gebruik van andere geneesmiddelen bepalen mede welk middel wordt voorgeschreven. Een algemene gebruikslimiet van twee of drie weken geldt niet voor elk geneesmiddel dat als spierverslapper wordt aangeduid.
| Voorbeeld | Belangrijke verschillen |
|---|---|
| Carisoprodol | Wordt bij spierletsel gebruikt naast maatregelen zoals rust en fysiotherapie; kan tot afhankelijkheid leiden en is bedoeld voor kortdurend gebruik. |
| Baclofen | Wordt gebruikt bij spasticiteit; plotseling stoppen kan ernstige ontwenningsverschijnselen veroorzaken en vereist een plan van de voorschrijver. |
| Tizanidine | Wordt gebruikt bij spierspasmen en verhoogde spierspanning bij aandoeningen zoals multiple sclerose of ruggenmergletsel; kan sufheid en een lage bloeddruk veroorzaken. |
Deze voorbeelden vormen geen rangschikking naar veiligheid en zijn geen aanbeveling om van geneesmiddel te wisselen. Lees de bijsluiter van het specifieke product en bespreek vragen met een apotheker of voorschrijver.
Bijwerkingen en wisselwerkingen
Afhankelijk van het geneesmiddel kunnen slaperigheid, duizeligheid, zwakte, een droge mond of een lage bloeddruk optreden. Deze effecten kunnen ook bij correct gebruik voorkomen en zijn geen bewijs van misbruik. Aanhoudende of verontrustende klachten moeten worden beoordeeld. Rijd niet en bedien geen machines als uw alertheid, evenwicht of coördinatie is verminderd.
Alcohol, opioïden, slaapmiddelen en andere dempende middelen kunnen bij bepaalde spierverslappers de vermindering van het reactievermogen of het risico op ademhalingsproblemen versterken. Wisselwerkingen verschillen per geneesmiddel; laat daarom uw volledige medicatielijst controleren. Ga er niet van uit dat een combinatie veilig is omdat beide middelen op verschillende momenten zijn voorgeschreven.
Lichamelijke afhankelijkheid en verslaving
Lichamelijke afhankelijkheid betekent dat het lichaam zich heeft aangepast en dat klachten kunnen optreden wanneer een geneesmiddel wordt gestopt of de dosis wordt verlaagd. Dit kan ontstaan bij gebruik volgens voorschrift. Bij verslaving is sprake van een breder patroon, zoals verminderde controle en doorgaan met gebruik ondanks schadelijke gevolgen. Tolerantie of ontwenningsverschijnselen alleen zijn onvoldoende om verslaving vast te stellen.
Vraag advies als u herhaaldelijk meer inneemt dan voorgeschreven, moeite heeft om uw gebruik onder controle te houden, geneesmiddelen van iemand anders gebruikt of doorgaat ondanks schadelijke gevolgen. Een behandelaar kan het geneesmiddel, de klachten, pijn of spasticiteit en andere gezondheidsbehoeften beoordelen zonder aan te nemen dat elke bijwerking op verslaving wijst.
Overdosering: ga niet uit van een dosisgrens
Er bestaat geen algemene regel dat ‘drie tot vijf keer de dosis’ bij spierverslappers een overdosering is. Ernstige schade kan bij uiteenlopende ingenomen hoeveelheden optreden, vooral bij wisselwerkingen of wanneer het lichaam het geneesmiddel minder goed afbreekt of uitscheidt. Neem bij een mogelijk hogere inname dan voorgeschreven direct contact op met een vergiftigingeninformatiedienst of een medische spoeddienst, ook als er geen duidelijke klachten zijn.
Bel de lokale hulpdiensten bij een trage of afwijkende ademhaling, niet wakker kunnen worden, ineenstorten of een epileptische aanval. Houd de verpakking bij de hand, vertel hulpverleners welke andere middelen zijn gebruikt en volg hun instructies. Wek geen braken op en probeer de effecten niet met een ander geneesmiddel te behandelen.
Een geneesmiddel stoppen of afbouwen
Overleg met de voorschrijver voordat u een doorlopende behandeling verandert. Abrupt stoppen met baclofen kan koorts, verwardheid, hallucinaties, spierstijfheid of epileptische aanvallen veroorzaken. Plotseling stoppen met tizanidine kan de bloeddruk en hartslag verhogen en de spierspanning doen toenemen. Als afbouwen nodig is, moet dit worden afgestemd op het specifieke geneesmiddel en de individuele omstandigheden.
Deze risico’s zijn een reden om de zorg te plannen, niet om een ongeschikt geneesmiddel onbeperkt te blijven gebruiken. Het plan moet ook aandacht besteden aan de aandoening die wordt behandeld en aan eventueel problematisch middelengebruik. De intensiteit van de behandeling hangt af van de medische en psychiatrische risico’s; niet iedereen heeft een residentiële verslavingsbehandeling nodig.


